Wikisage, de vrije encyclopedie van de tweede generatie, is digitaal erfgoed

Wikisage is op 1 na de grootste internet-encyclopedie in het Nederlands. Iedereen kan de hier verzamelde kennis gratis gebruiken, zonder storende advertenties. De Koninklijke Bibliotheek van Nederland heeft Wikisage in 2018 aangemerkt als digitaal erfgoed.

  • Wilt u meehelpen om Wikisage te laten groeien? Maak dan een account aan. U bent van harte welkom. Zie: Portaal:Gebruikers.
  • Bent u blij met Wikisage, of wilt u juist meer? Dan stellen we een bescheiden donatie om de kosten te bestrijden zeer op prijs. Zie: Portaal:Donaties.
rel=nofollow

Intentie: verschil tussen versies

Uit Wikisage
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
kGeen bewerkingssamenvatting
(stukje uit Wikipedia:en:Intention http://en.wikipedia.org/w/index.php?title=Intention&oldid=580456143)
 
(5 tussenliggende versies door dezelfde gebruiker niet weergegeven)
Regel 1: Regel 1:
Iemand met een bepaalde '''intentie''' (of meerdere) heeft een bepaalde '''bedoeling''' iets te doen of te doen ontstaan / veroorzaken enz. Men spreekt ook wel over iets doen met een bepaald ''oogmerk'' (iets in het oog, [[gedachte]]n houden / iets dat te wachten ligt / in het verschiet ligt), dat vervolgens weer [[negatief]] of [[positief]] van aard kan zijn. Met ''intentie'' bedoelt men ook het hebben van een [[voornemen]].
Een '''intentie''' is iemands specifieke '''bedoeling''', '''voornemen''' of „van plan zijn” om een bepaalde handeling of reeks handelingen uit te voeren. Men spreekt ook wel over iets doen met een bepaald ''oogmerk'' (iets in het oog, [[gedachte]]n houden / iets dat te wachten ligt / in het verschiet ligt). Wanneer men iets met een bepaalde bedoeling of intentie doet, is dit een ''doelbewuste'' handeling.


Sommige [[mens]]en kunnen ''kwade bedoelingen'' hebben, zoals inzake [[geweld]] en/of [[criminaliteit]], echter betreft dat een klein percentage van alle mensen, wat impliceert dat de meesten wel ''[[goed]]e bedoelingen'' hebben. Het [[beredeneren]]de [[denken]] van de meeste mensen maakt het ook dat alle gebeurtenissen, obstakels en tegenwerkingen ook eerst een ''beredenering'' krijgen toegewezen, waar al een [[begrip]] bijbehoort. Dit heeft ook zijn doorwerking op eventuele ''intenties'', welke bedoeld waren, wat daardoor ook een onterechte of foutieve ''beweegreden'' kan hebben.
Dit kan [[negatief]] of [[positief]] van aard kan zijn. Men kan goede of kwade bedoelingen hebben.


'''Beweegreden(en)''' kan/kunnen ook tot stand komen zonder dat iemand zelf die intententie(s) heeft, namelijk door [[invloed]]en vanuit de [[omgevingsfactoren|omgeving]]. De ''beweegredenen'' die voort komen uit bepaalde ''intenties'' van iemand, hebben daar zelf bepaalde gedachtengangen, [[gevoelens]] of beredeneringen aan ten [[grondslag]] gehad (zie ook : [[motto]]).
Het nadenken over gebeurtenissen, obstakels en tegenwerkingen kan een invloed hebben op eventuele ''intenties''. Intenties kunnen een onterechte of foutieve ''beweegreden'' hebben.


Niet ieder [[individu]] heeft het [[vermogen (kunnen)|vermogen]] om zijn '''goede bedoelingen''' oftewel '''edele [[motief|motieven]]''' te kunnen vergelijken met die van anderen, welke opvallenderwijze veelal wel degenen zijn die die [[vergelijking]]en maken, of eigenlijk hanteren. Hierdoor kan iemand bijvoorbeeld met ''groot gemak'' door het [[leven]] gaan/komen, maar kan dat ook een moeilijk begaanbaar leven zijn, bijvoorbeeld door [[erfelijkheid|erfelijke]] factoren of door bepaalde [[ervaring]]en.
'''Beweegredenen''' kunnen ook [[invloed]]en van buitenaf zijn, vanuit de [[omgevingsfactoren|omgeving]]. De ''beweegredenen'' die voortkomen uit iemands ''intenties'', hebben bepaalde gedachtengangen, [[emotie]]s, gevoelens ten [[grondslag]] gehad (zie ook: [[motto]]).


''Intenties'' komen soms ook niet tot [[uiting]], vanwege bepaalde [[redenen]], [[onzekerheid|onzekerheden]] en/of gevoelens die het weerhouden tot stand te komen / plaats te laten vinden. Het kan echter ook voorkomen dat iemand z'n ''intenties'' teveel [[opdringerig|opdringt]] en/of op zich teveel ''intenties'' (bijelkaar, achterelkaar) heeft, wat dan als minder [[plezierig]] of [[vertrouwen]]hebbend overkomt (wordt ervaren). Veelal [[argwaan|argwaant]] men dan de ''intenties'' (in het algemeen), en rijst de vraag : "''wat is de bedoeling ?''" Men gebruikt de term ''bedoeling'' ook in de zin van ''bijbedoeling'', zoals iets dat men zijdelings te [[kennen]] geeft (ook : ''[[toespeling]]''), terwijl men iets anders zegt (bijvoorbeeld : "''ik ben erg [[tevreden]]", 'erg' zeg ik met bedoeling''). [[samenvatting|Samenvattend]] gebruikt men ''bedoeling'' ook als ''al de genoemde zaken'' (bijvoorbeeld : ''de hele bedoeling is [[oorzaak|veroorzaakt]] door dat'').
Om bepaalde redenen, zoals [[onzekerheid|onzekerheden]] en/of emoties, worden ''intenties'' soms niet vervuld. Anderen [[opdringerig|dringen]] hun intenties mogelijk op of nemen zich teveel voor (teveel tegelijk, of na elkaar). Dit wordt niet als aangenaam ervaren.


==De intenties van een geloof==
Veelal [[argwaan|argwaant]] men dan de ''intenties'' (in het algemeen), en rijst de vraag: „Wat is de bedoeling?” Men gebruikt de term ''bedoeling'' ook in de zin van ''bijbedoeling'', zoals iets dat men zijdelings te [[kennen]] geeft (ook: ''[[toespeling]]''), terwijl men iets anders zegt (bijvoorbeeld: „Ik ben erg [[tevreden]]”: 'erg' zeg ik met een bedoeling).
Van oudsher [[geloven]] mensen in diverse [[religie]]s, vanwege dat het hen zo [[aanleren|aangeleerd]] is te doen. Door de bij [[uitstek]] beredenerende aard van [[gelovige]]n is men [[overwaardering|waarde]] gaan hechten aan deze woorden, zonder het [[begrip]] erover te begrijpen als zijnde een onderdeel van het grotere begrip, het [[geheel]]. Doordat de diverse afzonderlijke begrippen tot [[heden]] aan toe niet de benodigde [[verandering]]en hebben ondergaan, zijn dan ook veel huidige begrippen binnen menig religie zéér [[uit de tijd]]. Men ziet momenteel veel [[kerkelijk leider]]s met zeer [[beperking|beperkt]] [[mensenkennis]], dat een van de voortvloeisels is van de [[kokervisie]] die ontstaat door specifiek ergens in te geloven en er [[overtuiging|overtuigd]] van te zijn, wat onderdeel is van de [[toewijding]]. Andere voorbeelden van wat (al lang) niet meer van deze [[tijd]] is, zijn de pre[[middeleeuwen|middeleeuwse]] manieren van doen, welke [[moslim]]s zeggen te moeten doen, zoals het dragen van een [[hoofddoek]]. Als men vraagt ''waarom'' men dat doet, komt men met antwoorden als dat het bij het geloof hoort en dat men dat [[zelf]] verkiest te dragen. De ''bedoeling'', ten tijde van toen het ontstaan is, was zo'n 2000 jaar geleden het bedekken van de [[hoofdhaar|haren]] van een [[vrouw]], vanwege dat de toen nog on[[beschaving|beschaafde]] [[man (geslacht)|mannen]] daar toen niet tegen konden. Destijds zeer begrijpelijk dus. De zeer verouderde [[behandeling]] van vrouwen aangaande hun [[recht]]en, bij bijvoorbeeld het [[overspel]]ig zijn van de man, waarbij de vrouw wordt [[steniging|gestenigd]] (ingegraven in de grond tot de middel, met de armen eveneens ingegraven) is in huidige tijden [[absurd]] te noemen en druist in tegen vele [[mensenrechten]]. Deze religies schrijven ook voor te geloven in een God, wat [[logisch]] is, anders had niemand het tot heden aan toe gelooft. De intenties die daadwerkelijk z'n vruchten afwerpen is dan ook slechts hetgeen de [[eigen]] [[persoon]] betreft én andere personen. Zonder religieuze intenties, is de bedoeling eigenlijk dus de [[emotionele intelligentie]], [[sociologie]], [[empathie]], [[antropologie]] en onder meer [[naturalisme]] te [[ontwikkelen]]. Hiermee verkrijgt men juist méér [[inzicht]]en dan wat men op de religieuze manier tracht te verkrijgen.
 
== Experimenteel onderzoek ==
In recente jaren werd er veel onderzoek gedaan naar het concept van opzettelijke en bedoelde handelingen (''intentional action'') in de experimentele filosofie.<ref>Adam Feltz, [http://pantheon.yale.edu/~jk762/responses/Feltz.pdf ''The Knobe Effect: A Brief Overview''], Journal of Mind and Behavior. 2008, 28: p. 265-278.</ref> Dit onderzoek probeerde de factoren te belichten en te begrijpen die een invloed hebben op hoe mensen beoordelen of een daad intentioneel (opzettelijk) was. Het onderzoek toonde bijvoorbeeld aan dat onbedoelde neveneffecten dikwijls beoordeeld worden als iets wat opzettelijk werd gedaan, wanneer dit neveneffect of deze bijwerking als slecht wordt beschouwd en de persoon die handelde van tevoren wist dat deze bijwerking zou optreden. Wanneer er echter een positieve bijwerking optreedt, denken mensen in het algemeen niet dat deze met opzet gebeurde, zelfs wanneer de persoon die handelde van tevoren wist dat het zou gebeuren.
 
Een bekend voorbeeld is een bedrijfsleider die een nieuw zakenprogramma op touw zet met het enige doel meer geld te verdienen, maar wiens plan toevallig een gunstige uitwerking heeft op het milieu. Wanneer hij zijn zakenprogramma uitvoert, zal men gewoonlijk zeggen dat hij „onopzettelijk” een bijdrage aan het milieu deed; als hij een zakenplan uitvoert waarbij als bijwerking het milieu wordt geschaad, dan zegt men gewoonlijk dat hij „opzettelijk” het milieu schaadde. In beide gevallen was zijn enige doel geld verdienen.<ref>Knobe, J., [http://pantheon.yale.edu/~jk762/side-effects.html Intentional Action and Side Effects in Ordinary Language]. Analysis, 63, 2003, p. 190-193</ref> Hoewel er vele verklaringen voorgesteld worden voor de reden waarom het „bijwerkingseffect” optreedt, hebben onderzoekers nog geen consensus bereikt.
 
==Strafrecht==
In de justitie is iemands intentie van belang voor de beoordeling van de daad. Een feitenbestand bestaat steeds uit een gedeelte ''weten'' en een gedeelte ''wil''. Bij een opzettelijke daad staat de wil op de voorgrond: de dader heeft de intentie een bepaald doel te bereiken, een bepaald feit te plegen. Hij handelt met doelgerichte wil om zijn intentie met succes in de daad om te zetten.


==Zie ook==
==Zie ook==
* [[Intentieverklaring]], mededeling inzake iets dat men oorneemt te doen of te laten.
* [[Intentieverklaring]], mededeling inzake iets dat men voorneemt te doen of te laten.
* [[woorden|De intenties van woorden]]
* [[woorden|De intenties van woorden]]


Regel 19: Regel 26:
* [http://synoniemen.net/index.php?zoekterm=intentie Synoniemen : Intentie]
* [http://synoniemen.net/index.php?zoekterm=intentie Synoniemen : Intentie]
* [http://www.wijblijvenhier.nl/?p=540 Intentie is Resultaat ! (wijblijvenhier.nl)]
* [http://www.wijblijvenhier.nl/?p=540 Intentie is Resultaat ! (wijblijvenhier.nl)]
* [http://www.gotquestions.org/nederlands/georganiseerde-religie.html De aannames over de intenties van God door georganiseerde religie.]
 
<references/>


[[Categorie:Psychologie]]
[[Categorie:Psychologie]]
[[Categorie:Psychiatrie]]
[[Categorie:Filosofie]]
[[Categorie:Perceptie]]
[[Categorie:Gemoedstoestand]]

Huidige versie van 15 nov 2013 om 15:51

Een intentie is iemands specifieke bedoeling, voornemen of „van plan zijn” om een bepaalde handeling of reeks handelingen uit te voeren. Men spreekt ook wel over iets doen met een bepaald oogmerk (iets in het oog, gedachten houden / iets dat te wachten ligt / in het verschiet ligt). Wanneer men iets met een bepaalde bedoeling of intentie doet, is dit een doelbewuste handeling.

Dit kan negatief of positief van aard kan zijn. Men kan goede of kwade bedoelingen hebben.

Het nadenken over gebeurtenissen, obstakels en tegenwerkingen kan een invloed hebben op eventuele intenties. Intenties kunnen een onterechte of foutieve beweegreden hebben.

Beweegredenen kunnen ook invloeden van buitenaf zijn, vanuit de omgeving. De beweegredenen die voortkomen uit iemands intenties, hebben bepaalde gedachtengangen, emoties, gevoelens ten grondslag gehad (zie ook: motto).

Om bepaalde redenen, zoals onzekerheden en/of emoties, worden intenties soms niet vervuld. Anderen dringen hun intenties mogelijk op of nemen zich teveel voor (teveel tegelijk, of na elkaar). Dit wordt niet als aangenaam ervaren.

Veelal argwaant men dan de intenties (in het algemeen), en rijst de vraag: „Wat is de bedoeling?” Men gebruikt de term bedoeling ook in de zin van bijbedoeling, zoals iets dat men zijdelings te kennen geeft (ook: toespeling), terwijl men iets anders zegt (bijvoorbeeld: „Ik ben erg tevreden”: 'erg' zeg ik met een bedoeling).

Experimenteel onderzoek

In recente jaren werd er veel onderzoek gedaan naar het concept van opzettelijke en bedoelde handelingen (intentional action) in de experimentele filosofie.[1] Dit onderzoek probeerde de factoren te belichten en te begrijpen die een invloed hebben op hoe mensen beoordelen of een daad intentioneel (opzettelijk) was. Het onderzoek toonde bijvoorbeeld aan dat onbedoelde neveneffecten dikwijls beoordeeld worden als iets wat opzettelijk werd gedaan, wanneer dit neveneffect of deze bijwerking als slecht wordt beschouwd en de persoon die handelde van tevoren wist dat deze bijwerking zou optreden. Wanneer er echter een positieve bijwerking optreedt, denken mensen in het algemeen niet dat deze met opzet gebeurde, zelfs wanneer de persoon die handelde van tevoren wist dat het zou gebeuren.

Een bekend voorbeeld is een bedrijfsleider die een nieuw zakenprogramma op touw zet met het enige doel meer geld te verdienen, maar wiens plan toevallig een gunstige uitwerking heeft op het milieu. Wanneer hij zijn zakenprogramma uitvoert, zal men gewoonlijk zeggen dat hij „onopzettelijk” een bijdrage aan het milieu deed; als hij een zakenplan uitvoert waarbij als bijwerking het milieu wordt geschaad, dan zegt men gewoonlijk dat hij „opzettelijk” het milieu schaadde. In beide gevallen was zijn enige doel geld verdienen.[2] Hoewel er vele verklaringen voorgesteld worden voor de reden waarom het „bijwerkingseffect” optreedt, hebben onderzoekers nog geen consensus bereikt.

Strafrecht

In de justitie is iemands intentie van belang voor de beoordeling van de daad. Een feitenbestand bestaat steeds uit een gedeelte weten en een gedeelte wil. Bij een opzettelijke daad staat de wil op de voorgrond: de dader heeft de intentie een bepaald doel te bereiken, een bepaald feit te plegen. Hij handelt met doelgerichte wil om zijn intentie met succes in de daad om te zetten.

Zie ook

Referentie

  1. º Adam Feltz, The Knobe Effect: A Brief Overview, Journal of Mind and Behavior. 2008, 28: p. 265-278.
  2. º Knobe, J., Intentional Action and Side Effects in Ordinary Language. Analysis, 63, 2003, p. 190-193