Wikisage, de vrije encyclopedie van de tweede generatie, is digitaal erfgoed

Wikisage is op 1 na de grootste internet-encyclopedie in het Nederlands. Iedereen kan de hier verzamelde kennis gratis gebruiken, zonder storende advertenties. De Koninklijke Bibliotheek van Nederland heeft Wikisage in 2018 aangemerkt als digitaal erfgoed.

  • Wilt u meehelpen om Wikisage te laten groeien? Maak dan een account aan. U bent van harte welkom. Zie: Portaal:Gebruikers.
  • Bent u blij met Wikisage, of wilt u juist meer? Dan stellen we een bescheiden donatie om de kosten te bestrijden zeer op prijs. Zie: Portaal:Donaties.

Assyriërs (volk)

Uit Wikisage
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

De hedendaagse Assyriërs (ܐܫܘܪܝܶܐ) noemen zich een volk, oorspronkelijk uit Mesopotamië en Anatolië. Ze beschouwen zich als de voortzetting van de Assyriërs uit de oudheid, de bewoners van het Assyrische Rijk, dat in 539 v.Chr. ten onder ging. Ze leven thans overwegend in diaspora. De Assyriërs spreken een moderne vorm van het Aramees. In die taal noemen ze zichzelf Suryoye.

In realiteit zijn deze hedendaagse Assyriërs oosterse christenen uit het huidige Irak, Syrië en Turkije. Zijzelf of eertijds hun voorouders zijn gevlucht voor etnisch geweld en etnische zuiveringen in hun regio van oorsprong.

Oosters-christelijke kerken

De Assyriërs zijn van mening dat de benamingen Assyrisch, Suryoyo, Chaldeeuws, Aramees, Nestoriaans, Mesopotamisch en Babylonisch refereren naar eenzelfde gemeenschap met een gemeenschappelijke identiteit. De Assyriërs behoren tot verschillende christelijke gemeenschappen en velen hebben gekozen voor de verzamelnaam "Assyrisch".

Het Assyrische volk behoort tot de volgende christelijke kerken:

Geschiedenis

In de Handelingen van de Apostelen 11:26, wordt vermeld de volgelingen van Jezus Christus in Antiochië christenen werden genoemd. De Kerk van Antiochië was de eerste buiten Palestina en werd - volgens de traditie - gesticht door de apostelen.

Na het concilie van Efeze in 431 splitste een deel van die Kerk zich af van het patriarchaat van Antiochië en uit dit schisma ontstond de Oost-Syrische of ‘Nestoriaanse kerk’. Na het concilie van Chalcedon in 451 leidde een tweede schisma tussen de West-Syrische kerk en de byzantijnse christenheid tot de vorming van de Syrisch-orthodoxe Kerk.

Van de 4de tot de 7de eeuw kenden de Syrische kerkgemeenschappen een bloeiperiode. Er was grote literaire productiviteit en er werd aan missioneringswerk gedaan.

Vanaf de zevende eeuw nam het tijdperk van de islamisering en de arabisering een aanvang. Door hun vertalingen uit het Syrisch en/of het Grieks in het Arabisch brachten de Syrische christenen - als leermeesters van de moslims - de wetenschappelijke wereld van de Grieken dichter bij de Arabieren. Zo waren het de Syrische christenen die de wetenschappelijke vooruitgang van de Islamwereld mogelijk maakten. Iets dergelijks gebeurde in Alexandrië waar de nieuwe islamitische heersers de Alexandrijnse christenen opdracht gaven de gigantische schatten van de oude bibliotheken te vertalen. Toch leed de christengemeenschap sterk onder de vervolging door de islam, onder de minachting en de benadeling die de christenen ten deel vielen onder de islamitische regimes. Soms kwamen gruwelijke geweldsplegingen voor, in andere tijdsperiodes waren de moslimleiders verdraagzamer.

Eind veertiende, begin vijftiende eeuw waren de christenen in het Nabije Oosten slachtoffer van Timoer Lenk.

In de negentiende eeuw troffen westerse missionarissen de Syrische gemeenschappen geïsoleerd aan. De clerus en het volk bleken nu, in vergelijking met het intussen ontwikkelde Westen, ongeschoold en de infrastructuur was quasi onbestaande.

Massamoorden en genocide

Behalve diverse massamoorden in de voorgaande eeuwen, zijn in het begin van de 20e eeuw (1914 tot 1916) 1,5 miljoen christenen afgeslacht door Turkse soldaten en Koerden. Onder de 1,5 miljoen christenen zijn de Armenen, Assyriërs en Grieken slachtoffers geworden van deze zwarte bladzijde uit de geschiedenis van Turkije. De genocide is erg bekend geworden onder de naam Armeense Genocide maar de Assyriërs spreken hiernaast ook over de Assyrische Genocide.

Na het einde van het Britse mandaat over Irak, deed een nieuwe massamoord zich voor. In augustus 1933 maakte het Irakese leger, met toezien van Engelsen, tientallen dorpen met de grond gelijk en voerde massa-executies uit. Daarbij zijn tienduizenden mannen, vrouwen en kinderen op een brute wijze van het leven beroofd. Vandaag de dag herdenken de Assyriërs op 7 augustus de slachtoffers van 1933 in de Irakese plaats Simele.

De volkerenmoord op de Assyriers wordt nog door geen enkel land officieel erkend. Dit in tegenstelling tot de Armeense genocide die door vele landen en internationale organisaties is erkend. Assyrische historici verklaren dat de reden hiervoor is dat Assyrie beroofd is van haar politieke macht in de 20e eeuw. Bovendien is de slachting van alle christenen in Klein-Azië verbonden met de controversiële Armeense genocide.

De enige overheden die de Assyriers hebben toegestaan om een monument te bouwen om de genocide te herdenken zijn Frankrijk, Zweden en de Verenigde Staten. De overheid van Zweden heeft beloofd om alle kosten te betalen voor een toekomstig monument, na sterk gelobby door de grote Assyrische gemeenschap in Zweden geleid door Konstantin Sabo. In de Verenigde Staten zijn twee monumenten opgericht: één in Chicago en één in Tarzana (Californië). In Frankrijk staat er een herdenkingsmonument in Sarcelles, nabij Parijs.

   Zie ook.png Zie ook: Zie ook de Assyrische Genocide

Internationale Erkenning

In de diaspora, zowel in de Verenigde Staten als in Canada, Australië, Nieuw-Zeeland, Armenië en Georgië zijn de Assyriërs een officieel (in de volkstellingen) erkende etniciteit.

In Irak worden de Assyriërs door de overheid en door de Amerikaanse regering erkend, waarbij de namen Assyrisch/Suryoyo/Chaldeeuws samen gebruikt als benaming voor de Assyrische gemeenschap. In Syrië wordt alleen de term Assyrisch gebruikt en in Turkije worden de namen Assyrisch en Syriac (Suryoyo) gebruikt.

Geschiedenis Assyrische Vlag

In 1968 vond de Assyrian Universal Alliance dat er behoefte was om de Assyrische natie te voorzien van haar eigen officiële vlag. Om deze droom te realiseren werd een beroep gedaan op verschillende Assyrische kunstenaars en goed geïnformeerde mensen om hun ideeën en lay-outs uit te werken voor deze belangrijke nationale taak. Het AUA-Congres zorgde voor de goedkeuring van de wereldwijde verzamelde ideeën en lay-outs.

   Zie ook.png Zie ook: Zie ook de Assyrische vlag

Zie ook

Bibliografie

  • Leonard C. Biegel, Minderheden in het Midden-Oosten. Hun betekenis als politieke factor in de Arabische wereld, Uitg. Van Loghum Slaterus, Deventer, 1972, ISBN 9060012194
  • Albert Stol, Nestorianen, De ondergang van een christenvolk, Uitg. Wever, Franeker, 1977, ISBN 9061352525
  • Arend Jan Schukkink, De Suryoye: een verborgen gemeenschap : een historisch-antropologische studie van een Enschedese vluchtelingengemeenschap afkomstig uit het Midden-Oosten, Proefschrift Vrije Universiteit Amsterdam, 2003, ISBN 9090173463
  • August Thiry, Mechelen aan de Tigris, Het verhaal van een dorp en een wereld (Monografieën over interculturaliteit 7), Uitg. CIMIC (Centrum voor intercultureel management en internationale communicatie) en EPO, Berchem, 2001, ISBN 9064452245 (recensie)
  • Gabriele Yonan, Assyrer heute: Kultur, Sprache, Nationalbewegung der aramäisch sprechenden Christen im Nahen Osten ; Verfolgung und Exil, Uitg. Gesellschaft für Bedrohte Völker (Reihe Pogrom), Hamburg, 1978, ISBN 3922197000
  • Gabriele Yonan, Ein vergessener Holocaust : die Vernichtung der christlichen Assyrer in der Türkei, Uitg. Gesellschaft für Bedrohte Völker (Reihe Pogrom), Hamburg, 1989 , ISBN 3922197256
  • Gabriele Yonan: Assyrer heute. Gesellschaft für bedrohte Völker, Hamburg 1978.
  • Michel Chevalier: Les montagnards chrétiens du Hakkâri et du Kurdistan septentrional. Dépt. de Géographie de l'Univ. de Paris-Sorbonne, Paris 1985.
  • James Farwell Coakley: The Church of the East and the Church of England. Clarendon Press, Oxford 1992. ISBN 0-19-826744-4.
  • P.&M. Sluglett: Der Irak seit 1958 - von der Revolution zur Diktatur. Frankfurt 1991
  • Wolfgang Gockel: Dumont Kunst-Reiseführer Irak. Köln 2001
  • Isa Sumer: Gods kinderen worden vergeten.
  • Dr. David Gaunt,Professor of History at Södertörn University College: Massacres, Resistance, Protectors: Muslim-Christian Relations in Eastern Anatolia during World War I ISBN 1-59333-301-3

Externe links