Wikisage, de vrije encyclopedie van de tweede generatie, is digitaal erfgoed

Wikisage is op 1 na de grootste internet-encyclopedie in het Nederlands. Iedereen kan de hier verzamelde kennis gratis gebruiken, zonder storende advertenties. De Koninklijke Bibliotheek van Nederland heeft Wikisage in 2018 aangemerkt als digitaal erfgoed.

  • Wilt u meehelpen om Wikisage te laten groeien? Maak dan een account aan. U bent van harte welkom. Zie: Portaal:Gebruikers.
  • Bent u blij met Wikisage, of wilt u juist meer? Dan stellen we een bescheiden donatie om de kosten te bestrijden zeer op prijs. Zie: Portaal:Donaties.

Gilde St. Eloy

Uit Wikisage
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Het Schoonhovens Goud- en Zilversmidsgilde St. Eloy is de vereniging van goud en zilversmeden, fabrikanten en andere belanghebbenden in Schoonhoven. De doelstelling van de vereniging is statutair anno 2011 tweeledig. Allereerst het bevorderen van de verkoop van de producten van de leden en ten tweede het bevorderen van de belangen van de leden.

De statuten van St. Eloy passeerden op 29 februari 1988 voor notaris Paarlberg te Schoonhoven.

Geschiedenis

Het Gilde St.Eloy is de voortzetting van „de Nijverheidsvereeniging van Goud- en Zilversmeden te Schoonhoven”. Deze voortzetting is in artikel 3 statutair vastgelegd. De vereniging is ingeschreven bij de Kamer van Koophandel te Gouda (thans Rotterdam) in het Verenigingregister onder nr. 40465436. De Nijverheidsvereeniging werd opgericht in of kort voor het eerste kwartaal 1862; vermoedelijk op 18 maart 1862. Een andere mogelijke, maar niet bewezen, oprichtingsdatum is 16 september 1861.

In ieder geval betaalden 43 zelfstandige goud- en zilversmeden in het eerste kwartaal 1862 hun eerste contributie. De oudste presentielijst van de ledenvergadering van 12 juli 1862 vermeldde 20 namen. Van de leden in het eerste jaar kennen we er 36 bij naam. De eerste statuten werden door de leden goedgekeurd op 9 februari en Koninklijk goedgekeurd op 20 februari 1863. De laatste maal dat de statuten Koninklijke goedkeuring kregen dateerde van 20 september 1959.

Op 12 november 1984 nodigde de Nijverheidsvereniging per brief de goud- en zilversmeden van Schoonhoven uit voor een gezamenlijke bespreking over de toekomst van het Waarborgkantoor Schoonhoven. De sluiting van het Waarborgkantoor bleef de gemoederen in de jaren daarna bezig houden. Onder meer werd een eigen ’Schoonhovens stempelmerk’ bedacht. Daarom werden in 1987 stappen ondernomen om de Nijverheidsvereeniging zo gezegd „nieuw leven in te blazen”. In een vergadering van 12 november 1987 werd unaniem besloten tot de „heroprichting” van de Nijverheidsvereniging hoewel de vereniging juridisch noch feitelijk ooit was opgeheven; als rechtspersoon bestond de vereniging toen nog steeds.

In de ledenvergadering van de nieuw leven ingeblazen Nijverheidsvereeniging werd vervolgens op 4 februari 1988 besloten tot een nieuwe naam die meer recht zou doen aan de nieuwe tijdgeest: ’het Schoonhovens Goud- en Zilversmidsgilde St.Eloy’. De vereniging met de nieuwe naam was dus de voortzetting van de Nijverheidsvereeniging. In de statuten van 29 februari 1988 bevestigde notaris Paarlberg dat ook: het Gilde acht zich de voortzetting van de Nijverheidsvereeniging. Naast nieuwe gildeleden werden vrijwel alle oude leden van de Nijverheidsvereeniging, inclusief vroegere bestuursleden, weer lid van de vereniging met de nieuwe naam, het Gilde St.Eloy. De eerste ledenlijst van het Gilde telde 23 leden; de huidige anno 2011 telt er overigens 48.

Wapenfeiten

In 1895 bouwde de Nijverheidsvereeniging de Teekenschool. De eerste steen werd gelegd op 9 september 1895.

Hieruit heeft zich de huidige Vakschool Schoonhoven ontwikkeld. Reeds vanaf 1862 organiseerde de Nijverheidsvereeniging het tekenonderwijs. Er werden tekenleraren gecontracteerd en door de vereniging werd het onderwijs gesubsidieerd. De eerste leraren waren de graveur Andries Kip (van 1863 tot 1866) en de architect Johannes Anthonie Smits (van 1866 tot 1888).

In 1863 werd besloten tot de oprichting van een ’ziekenfonds’ met de naam Tot Hulp in Lijden. Op 28 juli 1863 werd het fonds door de ledenvergadering van de Nijverheidsvereeniging ingesteld en op 1 januari 1864 nam „Tot Hulp in Lijden” een aanvang. Het zou tot ver in de 20e eeuw hèt sociale vangnet van de zilverstad zijn, want zowel zelfstandige goud- en zilversmeden als hun werklieden konden lid worden. De contributie werd met dagelijks overwerk door de leden opgebracht. Het fonds deed uitkeringen bij ziekte en bij overlijden. Per 1 juli 1882 -toen er voldoende vermogen was opgebouwd- ging het fonds ook pensioenuitkeringen doen.

De Nijverheidsteekenschool werd door de vereniging in 1920 verkocht aan het Rijk. De uitkeringen bij ziekte werden door de vereniging beëindigd met de komst van de Rijksziektewet in 1930. De pensioenuitkeringen werden door de vereniging beëindigd met de komst van de Algemene Ouderdoms Wet, AOW in 1957.

Bronnen

  • G. J. M. van Baarsel, Een eeuw Vakschool, Schoonhoven 1995. ISBN 90-802370-1-9
  • R. Kappers, De Nijverheidsvereeniging van Goud- en Zilversmeden in Schoonhoven, Zilvercahier nr.3, Schoonhoven 1997.
  • R. Kappers, 150 jaar Gilde St.Eloy alias de Nijverheidsvereeniging, Het Leven in Schoonhoven nr. 4, p. 86-90, Quadraat, Vianen, mei 2011. ISBN 9789076940830