Wikisage, de vrije encyclopedie van de tweede generatie, is digitaal erfgoed

Wikisage is op 1 na de grootste internet-encyclopedie in het Nederlands. Iedereen kan de hier verzamelde kennis gratis gebruiken, zonder storende advertenties. De Koninklijke Bibliotheek van Nederland heeft Wikisage in 2018 aangemerkt als digitaal erfgoed.

  • Wilt u meehelpen om Wikisage te laten groeien? Maak dan een account aan. U bent van harte welkom. Zie: Portaal:Gebruikers.
  • Bent u blij met Wikisage, of wilt u juist meer? Dan stellen we een bescheiden donatie om de kosten te bestrijden zeer op prijs. Zie: Portaal:Donaties.
rel=nofollow

De Kusttram

Uit Wikisage
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

De Kusttram is de langste tramlijn ter wereld, en rijdt langs de Vlaamse kust, tussen Knokke en De Panne. Deze sneltramlijn is 67 kilometer lang en telt evenveel haltes.

Geschiedenis

Op 5 juli 1885 werd de eerste stoomtramlijn van de NMVB buurtspoorwegen in België geopend, tussen Oostende en Middelkerke-Dorp. Dat was het prille begin van de streektramlijnen aan de kust en in heel België. Maar dat is niet de route van de huidige Kusttramlijn. De eerste lijn ging via de dorpen, want er waren nog niet echt badplaatsen. Maar in die tijd begon het toerisme wel toe te nemen, en meer stoomtramlijnen gingen voorzien in de vervoerbehoefte. In 1886 was het al mogelijk van Blankenberge via Oostende en Nieuwpoort-Stad naar Veurne te reizen. In 1889 komt het deel naar Nieuwpoort-bad er bij. In 1908 volgde het traject Heist - Blankenberge. Heist had al sinds 1890 een stoomtram via Knokke naar Brugge. Zodoende was het sinds 1908 mogelijk om van Brugge naar Veurne te reizen per stoomtram. In 1903 volgde verlenging van Nieuwpoort-bad naar Groenendijk. In 1914 werd de stoomtramlijn Koksijde-Bad - De Panne geopend. Het enige ontbrekende stuk was nog Groenendijk - Koksijde-Bad; dat opende in 1926. Sindsdien was het mogelijk om per stoomtram tussen De Panne en Knokke te reizen, maar nog niet helemaal via de huidige route.

Elektrische tractie

Het eerste deel van de eerste elektrische tramlijn werd geopend op 19 juli 1897; deze reed van Oostende naar Middelkerke-Bad, ging wel pal langs de kustlijn, en was het begin van de huidige Kusttramlijn. In 1903 volgde verlenging naar Westende-bad. Aan deze zijde van Oostende was dat voorlopig het eindpunt, maar in 1909 opende aan de andere zijde van Oostende een elektrische lijn naar De Haan en Blankenberge, via Bredene-Dorp. Dat was de lijn die al sinds 1886 met stoomtrams reed. In 1905 werd de stoomtramlijn Oostende - Bredene Aan Zee - De Haan geopend, aansluitend op de reeds elektrische lijn De Haan - Bredene-Dorp - Blankenberge. Deze werd in 1909 al geëlektrificeerd, en zou uitgroeien tot de huidige Kusttramlijn. In 1912 werd de lijn verlengd van Knokke naar Het Zoute. In Oostende ontstonden geleidelijk de stadslijnen 3, 4, 5, 6, 7, en 8. De Kusttram zelf gebruikte de lijnnummers 1 & 2.

Tijdens de eerste wereldoorlog (1914-1918) kon er niet verder gereden worden bij Nieuwpoort, omdat daar het front was. Het duurde tot 1921 voor er weer electrische trams reden tussen Oostende en Middelkerke-Bad.

In 1928 opende het nog ontbrekende electrische deel tussen Westende-bad en Nieuwpoort-Stad en Bad, door Lombardsijde-Dorp. In 1929 volgden verlengingen van de electrische lijn tussen Nieuwpoort Bad en De Panne Esplanade. 1 augustus 1929 was een historische dag: de gehele lijn De Panne - Knokke Het Zoute via de badplaatsen was nu electrisch. Aansluitend was er in De Panne nog een dienst met diverse tractievormen naar het treinstation. In 1932 werd dit toch een electrische NMVB-lijn, maar toch bleef het een aparte lijn. Verlenging van de Kusttram naar Frankrijk was en is gepland, maar ging en gaat steeds niet door. Te Knokke was er een aparte electrische lijn 21 naar Sluis in Nederland. Ook de stoomtram naar Brugge (lijn 10) werd later electrisch. Tevens was er een stadslijn, lijn 6. (Later 11, 12 en 13).

Tijdens de 2e wereldoorlog kon er niet electrisch langs zee gereden worden bij Middelkerke, en later helemaal niet meer. Met behulp van stoomlocs en de lijn via de dorpen was er een beperkte dienst. Eind 1944 was de lijn weer bruikbaar. Omdat de brandstoffen voor autoverkeer algauw opraakten, was het dankzij de trams dat er nog voedsel en goederen vervoerd konden worden.

Na de oorlog waren de gemeentebesturen de tram echter helemaal niet dankbaar voor die hulp in de oorlogen, en ook niet voor al die toeristen die de trams buiten oorlogtijd hadden vervoerd. Diverse badplaatsen danken hun ontstaan en bloei aan de Kusttram. Bijna alle gemeenten wilden opheffing, en waren doof/blind voor de tegenargumenten. Maar de NMVB gaf niet toe, met als reden dat op drukke dagen het niet te doen is om voldoende bussen in te zetten. Plannen voor een metro onder de grond of op hoge baan waren onrealistisch. In de jaren 70 besloot de toenmalige minister dat vernieuwing de enige betaalbare oplossing was. Alle aansluitendende lijnen werden echter wel opgeheven in de jaren 40/50/60. In 1968 bestond alleen De Panne Esplanade - Oostende - Knokke Station nog. Vanaf 1979 werd de lijn gemoderniseerd, en vanaf 1980 kwamen er nieuwe trams. Verlenging naar Station De Panne werd aangekondigd, maar steeds uitgesteld.

De nieuwe bijna dezelfde trams voor Charleroi (serie 6100) waren echter eerst gereed, en daarom ging een aantal eerst op de kustlijn rijden. Zij bleken zo efficiënt dat zelfs in de winter een halfuursdienst rendabel bleek, in plaats van de gebruikelijke uurdienst. Dankzij 80% vrije baan kon vaak op maximumsnelheid gereden worden; 80 â 85 km. per uur. Nadat de serie 6000 geleverd werd, verhuisden de meeste 6100-en naar Charleroi.

In de zomer werd er met de nieuwe trams jarenlang een extra dienst gereden tussen Nieuwpoort Bad (Zonnebloem) en Blankenberge (Duinse Polders). Daarnaast was en is op (verwachte) drukke tijdstippen een extra dienst tussen Oostende Station en Westende-Bad gebruikelijk. Ook zijn er soms "scholierenritten" tussen Oostende en Westende, of tussen Oostende en Duinse Polders. Iedereen mag mee.

In 1991 werd de NMVB vervangen door De Lijn.

De verlenging naar Station De Panne/Adinkerke werd uiteindelijk geopend op 1 juli 1998. Ook werd begonnen een aantal trams te verlengen met een lagevloerdeel. Zo ontstonden er voor het eerst in de geschiedenis van de Kusttram rolstoeltoegankelijke trams. Uiteindelijk kregen bijna alle trams zo'n tussendeel.

De Lijn presenteerde vele toekomstplannen, maar er komt bijna niets van terecht. Er wordt wel veel vernieuwd, Nieuwpoort-Stad en Oostende kregen een nieuw tramstaion, maar vooral alle verlengingen naar Frankrijk, Veurne, Brugge, Westkapelle (België) en Nederland blijven plannen. Vanaf 2021 kwamen er wel 48 nieuwe trams, en in 2023 reden de oude voor het laatst. De 6017, 6025, en de unieke 6102 werden museumtram.

Bronnen

  • De Tram maakte de kust, R. van Craeynest, 1985.