Wikisage, de vrije encyclopedie van de tweede generatie, is digitaal erfgoed

Wikisage is op 1 na de grootste internet-encyclopedie in het Nederlands. Iedereen kan de hier verzamelde kennis gratis gebruiken, zonder storende advertenties. De Koninklijke Bibliotheek van Nederland heeft Wikisage in 2018 aangemerkt als digitaal erfgoed.

  • Wilt u meehelpen om Wikisage te laten groeien? Maak dan een account aan. U bent van harte welkom. Zie: Portaal:Gebruikers.
  • Bent u blij met Wikisage, of wilt u juist meer? Dan stellen we een bescheiden donatie om de kosten te bestrijden zeer op prijs. Zie: Portaal:Donaties.
rel=nofollow

Johann Wilhelm Wolf: verschil tussen versies

Uit Wikisage
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Geen bewerkingssamenvatting
Geen bewerkingssamenvatting
 
(3 tussenliggende versies door dezelfde gebruiker niet weergegeven)
Regel 1: Regel 1:
'''Johann Wilhelm Wolf''' ([[Keulen]], [[23 april]] [[1817]] – Philippshospital, Riedstadt, 28/[[29 juni]] [[1855]]) was een Duitse [[germanistiek|germanist]], schrijver en een grondlegger van de [[Vlaanderen|Vlaamse]] [[volkskunde]].<ref>{{aut|M. Moonen}}, ''Johann-Wilhelm Wolf. De Grondlegger der Volkskunde in Vlaanderen. Een bloemlezing met inleiding'', 1944.</ref>
'''Johann Wilhelm Wolf''' ([[Keulen]], [[23 april]] [[1817]] – Philippshospital, Riedstadt, (Hofheim am Taunus), 28/[[29 juni]] [[1855]]) was een Duitse [[germanistiek|germanist]], schrijver en een grondlegger van de [[Vlaanderen|Vlaamse]] [[volkskunde]].<ref>{{aut|M. Moonen}}, ''Johann-Wilhelm Wolf. De Grondlegger der Volkskunde in Vlaanderen. Een bloemlezing met inleiding'', 1944.</ref>


==Leven==
==Leven==
Johann Wilhelm Wolf groeide op in het katholieke Keulen als zoon van de handelaar Christian Wolf. Over zijn opleiding is weinig bekend, maar hij was een leerling van [[Jacob Grimm]]. Aanvankelijk oefende hij een handelsberoep uit, maar in 1840 trok hij naar Brussel en bestudeerde en verzamelde daar Vlaamse volksoverleveringen. Hij was tijdens zijn verblijf in België een omstreden figuur. Omdat zijn interesse voor Vlaanderen gefundeerd was op zijn belangstelling voor de gemeenschappelijke Germaanse oorsprong, werd hij het doelwit van anti-Duitse stromingen. In Brussel verstoorden studenten zijn lezingen. De Vlaamse katholieke pers bedacht hem met het scheldwoord ’Germaniljon’. Teleurgesteld verliet hij in 1847 Vlaanderen om zich in Darmstadt te vestigen.
Johann Wilhelm Wolf groeide op in het katholieke Keulen als zoon van de handelaar Christian Wolf, die zelf afkomstig was uit Jülich. Over zijn opleiding is weinig bekend. Aanvankelijk oefende hij een handelsberoep uit, maar hij wou niet in het bedrijf van zijn vader werken en vertrok in 1840 naar het nabijgelegen België, waar hij zich in Brussel vestigde. Als bewonderaar van vooral de [[Gebroeders Grimm]], die monumenten van de oude literatuur opsporen en bewaren, begon hij Vlaamse volksoverleveringen te verzamelen en bestuderen. Het was nog maar tien jaar geleden dat de Belgische staat zich in de [[Revolutie van 1830]] onafhankelijk had gemaakt van het Nederlandse koningshuis, en de Vlamingen begon zich te verzetten tegen de voogdij in taal, gewoonten en leven, die zij van hun Franstalige landgenoten ondervonden hoewel die in de minderheid waren. Omdat J. W. Wolf geïnteresseerd was in de gemeenschappelijke Germaanse oorsprong van de Vlamingen, koos hij de kant van de [[Vlaamse Beweging]] en werd hierdoor al snel een omstreden figuur. Hij verhuisde omstreeks eind 1842 naar Gent, een bolwerk van opflakkerend flamingantisme. Hij gaf lezingen aan de universiteit van Gent, Brussel en Leuven en werd door allerlei literaire genootschappen tot lid benoemd.
 
In 1845 verbleef hij enige tijd bij de familie in Keulen en verzoende zich met hen. Rond 1846 trouwde hij met Marie von Ploennies, een dochter van de dichteres Luise von Plönnies.
 
Omdat hij binnen de Vlaamse Beweging koos voor een germanofiele richting, werd hij het doelwit van anti-Duitse stromingen. In Brussel verstoorden studenten zijn lezingen. De Vlaamse katholieke pers bedacht hem met het scheldwoord ’germaniljon’. Teleurgesteld verliet hij in 1847 Vlaanderen om zich in Darmstadt te vestigen, de geboorteplaats van zijn echtgenote. Ook daar ging hij oude volksverhalen verzamelen, deze keer uit Hessen. Samen met zijn zwager, luitenant Wilhelm von Ploennies, verzamelde hij materiaal voor de sprookjes en vertellingen op trektochten door het Odenwald en door middel van systematische interviews van soldaten uit diens compagnie.
 
Sinds 1848 gebruikte hij de doctortitel, maar het is niet meer bekend waar hij deze heeft behaald.


Wolf was ook op theologisch gebied als schrijver actief en wijdde een reeks theologische essays aan de verering van de Maagd Maria.
Wolf was ook op theologisch gebied als schrijver actief en wijdde een reeks theologische essays aan de verering van de Maagd Maria.


In 1854 werd hij ziek door een zenuwaandoening, die hij met kuren bestreed. Gedeeltelijk verlamd en geestelijk gestoord, stierf Wolf het jaar daarop in het sanatorium bij Goddelau in Hessen.
Begin 1854 werd hij ziek door een zenuwaandoening, die hij probeerde te behandelen door het bezoeken van een watersanatorium in Weinheim. In de herfst ondernam hij een reis in de Alpen en naar Merantot aan Ulm. Door de frisse berg- en boslucht voelde hij zich enigszins beter. Vanaf mei 1855 werd hij verlamd aan een voet en dan zijn rechterhand. Zijn spraak- en denkvermogen vielen stil. Hij overleed in juni in het sanatorium bij Goddelau in Hessen.
 
==Werken==
* ''Niederländische Sagen'', [[Friedrich Arnold Brockhaus|Brockhaus]], Leipzig, 1843 ([http://books.google.com/books?id=qKAFAAAAMAAJ&pg=PR2 google books])
** In het Nederlands verschenen als: ''Nederlandsche volksoverleveringen, verzameld en met aanmerkingen voorzien door J. W. Wolf, op nieuw bewerkt en met bijvoegselen vermeerderd'', vertaald door Doorenbusch en Dyckstra, Groningen, 1844-1846.
* ''Deutsche Märchen und Sagen'', Leipzig, 1845 ([http://books.google.com/books?id=pSYPAAAAQAAJ&printsec=frontcover google books])
* (oprichter en redacteur van:) ''De Broederhand. Tydschrift voor neder- en hoogduitsche Letterkunde'', (uitgegeven samen met L. Vleeschouwer) deel 1. Brussel, 1845 ([http://books.google.com/books?id=dCFbAAAAQAAJ&printsec=frontcover google books])
* (oprichter en redacteur van:) ''Grootmoederken, archieven voor Nederduitsche sagen, sprookjes, volksliederen enz.'' (tijdschrift), Gent, 1843-1851
* (oprichter en redacteur van:) ''Wodana, Museum voor Nederduitsche Oudheidskunde'', Gent, 1843-1851
* (artikelen in:) ''Vlaemsch België''
* (artikelen over de [[Vlaamse Beweging]] in:) {{aut|Wilhelm F. K. Stricker}}, ''Germania, Archiv zur Kenntniß des deutschen Elements in allen Ländern der Erde'', deel 3, Frankfurt, 1849
* ''Maiglocken. Zur Feier des Marienmonats'', dichtbundel. Mainz, 1851 ([http://books.google.com/books?id=jGA7AAAAcAAJ&printsec=frontcover google books])
* ''Deutsche Hausmärchen'', Göttingen, Leipzig, 1851 ([http://books.google.com/books?id=i2A7AAAAcAAJ&printsec=frontcove google books], [[Wikisource:de:Deutsche_Hausmärchen|Wikisource]])
* ''Die deutsche Götterlehre. Ein Hand- und Lesebuch für Schule und Haus. Nach Jacob Grimm u.&nbsp;a.'' Göttingen, Leipzig, 1852 ([http://books.google.com/books?id=5ssoAAAAYAAJ&printsec=frontcover google books])
* ''Beiträge zur deutschen Mythologie.'' deel 1: ''Götter und Göttinnen.'' Göttingen, Leipzig, 1852 ([http://books.google.com/books?id=eQwYAAAAIAAJ&printsec=frontcover google books]); deel 2. Göttingen, 1857 ([http://books.google.com/books?id=yjAPAAAAQAAJ&printsec=frontcover google books])
* (Onder het pseudoniem {{aut|Johannes Laicus}}:) ''Aus der Kindheit.'' Erinnerungen. Göttingen, 1852 (Katholische Trösteinsamkeit, deel 1). Derde uitgave: Franz Kirchheim, Mainz, 1862 ([http://books.google.com/books?id=oLM7AAAAcAAJ&printsec=frontcover google books]); ook verschenen als ''Altkölnisches Leben'', herzien door Leonhard Kohrt, Butzon & Becker, Kevelaer, 1909 (Münchner Volksschriften 59); ook verschenen als ''Kinderjahre im alten, heiligen Köln'', Hause, Saarlouis, 1923 (Erbgut deutschen Schrifttums deel 64/65); heruitgegeven door Hubert Schiel. Herder, Basel/Freiburg/Wien, 1959.
* ''Hessische Sagen.'' Leipzig, 1853 ([http://books.google.com/books?id=Z38AAAAAcAAJ&printsec=frontcover google books])
* ''Zeitschrift für deutsche Mythologie und Sittenkunde'', deel 1. Göttingen, 1853 ([http://books.google.com/books?id=-ixbAAAAQAAJ&printsec=frontcover google books]); deel 2. Göttingen 1855 ([http://books.google.com/books?id=-ixbAAAAQAAJ&pg=PA483 google books]). Herdrukt door: Sändig, Walluf bei Wiesbaden, 1972.
* (Uitgever, verdergezet door Franz Joseph Holzwarth): ''Katholische Trösteinsamkeit'', 15 delen, Franz Kirchheim, Mainz, 1853–1861.
* ''Verschollene Märchen'', Mit einem Bogen deutscher Landschaftsphotographien. Franz Greno, Nördlingen, 1988 (Die Andere Bibliothek).
 
==Over {{PAGENAME}}==
* {{aut|A. Schmidt}}, ''J. W. Wolf. Zijn leven en zijn werk'', RUG, onuitgegeven licentiaatsverhandeling, 1943;
* {{aut|M. Moonen}}, ''Johann-Wilhelm Wolf, De Grondlegger der Volkskunde in Vlaanderen. Een bloemlezing met inleiding'', 1944;
* {{aut|H. von der Dunk}}, ''Der deutsche Vormärz und Belgien 1830-1848'', 1966;
* {{aut|P. H. Nelde}}, ''Flandern in der Sicht [[Hoffmann von Fallersleben|Hoffmanns von Fallersleben]]'', 1967.


==Verwijzingen==
==Verwijzingen==

Huidige versie van 20 jul 2021 om 09:52

Johann Wilhelm Wolf (Keulen, 23 april 1817 – Philippshospital, Riedstadt, (Hofheim am Taunus), 28/29 juni 1855) was een Duitse germanist, schrijver en een grondlegger van de Vlaamse volkskunde.[1]

Leven

Johann Wilhelm Wolf groeide op in het katholieke Keulen als zoon van de handelaar Christian Wolf, die zelf afkomstig was uit Jülich. Over zijn opleiding is weinig bekend. Aanvankelijk oefende hij een handelsberoep uit, maar hij wou niet in het bedrijf van zijn vader werken en vertrok in 1840 naar het nabijgelegen België, waar hij zich in Brussel vestigde. Als bewonderaar van vooral de Gebroeders Grimm, die monumenten van de oude literatuur opsporen en bewaren, begon hij Vlaamse volksoverleveringen te verzamelen en bestuderen. Het was nog maar tien jaar geleden dat de Belgische staat zich in de Revolutie van 1830 onafhankelijk had gemaakt van het Nederlandse koningshuis, en de Vlamingen begon zich te verzetten tegen de voogdij in taal, gewoonten en leven, die zij van hun Franstalige landgenoten ondervonden hoewel die in de minderheid waren. Omdat J. W. Wolf geïnteresseerd was in de gemeenschappelijke Germaanse oorsprong van de Vlamingen, koos hij de kant van de Vlaamse Beweging en werd hierdoor al snel een omstreden figuur. Hij verhuisde omstreeks eind 1842 naar Gent, een bolwerk van opflakkerend flamingantisme. Hij gaf lezingen aan de universiteit van Gent, Brussel en Leuven en werd door allerlei literaire genootschappen tot lid benoemd.

In 1845 verbleef hij enige tijd bij de familie in Keulen en verzoende zich met hen. Rond 1846 trouwde hij met Marie von Ploennies, een dochter van de dichteres Luise von Plönnies.

Omdat hij binnen de Vlaamse Beweging koos voor een germanofiele richting, werd hij het doelwit van anti-Duitse stromingen. In Brussel verstoorden studenten zijn lezingen. De Vlaamse katholieke pers bedacht hem met het scheldwoord ’germaniljon’. Teleurgesteld verliet hij in 1847 Vlaanderen om zich in Darmstadt te vestigen, de geboorteplaats van zijn echtgenote. Ook daar ging hij oude volksverhalen verzamelen, deze keer uit Hessen. Samen met zijn zwager, luitenant Wilhelm von Ploennies, verzamelde hij materiaal voor de sprookjes en vertellingen op trektochten door het Odenwald en door middel van systematische interviews van soldaten uit diens compagnie.

Sinds 1848 gebruikte hij de doctortitel, maar het is niet meer bekend waar hij deze heeft behaald.

Wolf was ook op theologisch gebied als schrijver actief en wijdde een reeks theologische essays aan de verering van de Maagd Maria.

Begin 1854 werd hij ziek door een zenuwaandoening, die hij probeerde te behandelen door het bezoeken van een watersanatorium in Weinheim. In de herfst ondernam hij een reis in de Alpen en naar Merantot aan Ulm. Door de frisse berg- en boslucht voelde hij zich enigszins beter. Vanaf mei 1855 werd hij verlamd aan een voet en dan zijn rechterhand. Zijn spraak- en denkvermogen vielen stil. Hij overleed in juni in het sanatorium bij Goddelau in Hessen.

Werken

  • Niederländische Sagen, Brockhaus, Leipzig, 1843 (google books)
    • In het Nederlands verschenen als: Nederlandsche volksoverleveringen, verzameld en met aanmerkingen voorzien door J. W. Wolf, op nieuw bewerkt en met bijvoegselen vermeerderd, vertaald door Doorenbusch en Dyckstra, Groningen, 1844-1846.
  • Deutsche Märchen und Sagen, Leipzig, 1845 (google books)
  • (oprichter en redacteur van:) De Broederhand. Tydschrift voor neder- en hoogduitsche Letterkunde, (uitgegeven samen met L. Vleeschouwer) deel 1. Brussel, 1845 (google books)
  • (oprichter en redacteur van:) Grootmoederken, archieven voor Nederduitsche sagen, sprookjes, volksliederen enz. (tijdschrift), Gent, 1843-1851
  • (oprichter en redacteur van:) Wodana, Museum voor Nederduitsche Oudheidskunde, Gent, 1843-1851
  • (artikelen in:) Vlaemsch België
  • (artikelen over de Vlaamse Beweging in:) Wilhelm F. K. Stricker, Germania, Archiv zur Kenntniß des deutschen Elements in allen Ländern der Erde, deel 3, Frankfurt, 1849
  • Maiglocken. Zur Feier des Marienmonats, dichtbundel. Mainz, 1851 (google books)
  • Deutsche Hausmärchen, Göttingen, Leipzig, 1851 (google books, Wikisource)
  • Die deutsche Götterlehre. Ein Hand- und Lesebuch für Schule und Haus. Nach Jacob Grimm u. a. Göttingen, Leipzig, 1852 (google books)
  • Beiträge zur deutschen Mythologie. deel 1: Götter und Göttinnen. Göttingen, Leipzig, 1852 (google books); deel 2. Göttingen, 1857 (google books)
  • (Onder het pseudoniem Johannes Laicus:) Aus der Kindheit. Erinnerungen. Göttingen, 1852 (Katholische Trösteinsamkeit, deel 1). Derde uitgave: Franz Kirchheim, Mainz, 1862 (google books); ook verschenen als Altkölnisches Leben, herzien door Leonhard Kohrt, Butzon & Becker, Kevelaer, 1909 (Münchner Volksschriften 59); ook verschenen als Kinderjahre im alten, heiligen Köln, Hause, Saarlouis, 1923 (Erbgut deutschen Schrifttums deel 64/65); heruitgegeven door Hubert Schiel. Herder, Basel/Freiburg/Wien, 1959.
  • Hessische Sagen. Leipzig, 1853 (google books)
  • Zeitschrift für deutsche Mythologie und Sittenkunde, deel 1. Göttingen, 1853 (google books); deel 2. Göttingen 1855 (google books). Herdrukt door: Sändig, Walluf bei Wiesbaden, 1972.
  • (Uitgever, verdergezet door Franz Joseph Holzwarth): Katholische Trösteinsamkeit, 15 delen, Franz Kirchheim, Mainz, 1853–1861.
  • Verschollene Märchen, Mit einem Bogen deutscher Landschaftsphotographien. Franz Greno, Nördlingen, 1988 (Die Andere Bibliothek).

Over Johann Wilhelm Wolf

  • A. Schmidt, J. W. Wolf. Zijn leven en zijn werk, RUG, onuitgegeven licentiaatsverhandeling, 1943;
  • M. Moonen, Johann-Wilhelm Wolf, De Grondlegger der Volkskunde in Vlaanderen. Een bloemlezing met inleiding, 1944;
  • H. von der Dunk, Der deutsche Vormärz und Belgien 1830-1848, 1966;
  • P. H. Nelde, Flandern in der Sicht Hoffmanns von Fallersleben, 1967.

Verwijzingen

  1. º M. Moonen, Johann-Wilhelm Wolf. De Grondlegger der Volkskunde in Vlaanderen. Een bloemlezing met inleiding, 1944.

Weblinks

Wikisource  (de) Wolf, Johann Wilhelm in de Allgemeine Deutsche Biographie, (ADB). Deel 43, Duncker & Humblot, Leipzig 1898, p. 765–777. op Wikisource

Wikisource  Werken van en over Johann Wilhelm Wolf op Wikisource

 
rel=nofollow
rel=nofollow